solliciteren Sinds 1993

Nieuws

Leute Bok

Leute Bokbier werd voor het eerst door brouwerij Van Steenberge gebrouwd in 1927. De bok en de hopperank in het logo verwijzen naar de bokken van de toenmalige brouwerij-boerderij en de aanpalende hoppevelden. Samen met het stopzetten van de landbouwactiviteit verdween helaas ook het Leute Bokbier en het werd pas in 1997 opnieuw geproduceerd. LEUTE BOKBIER verenigt al het goede van vroeger en de kennis van heden. LEUTE BOKBIER is een donkerrood zwaar bier van hoge gisting dat nagist op de fles of het vat. Het heeft een zeer aromatische smaak, niet te uitgesproken zoet maar vol en mild in de mond. Opvallende kanttekening: bij dit bier hoort een speciaal tuimelglas met houten voetje. Na het degusteren van enkele Leutebokjes wordt het wel eens wat lastiger om het glas in het voetje te mikken.

Drambuie Royale

NIEUWE LUNCHKAART!!!

Wij willen u graag wijzen op onze totaal vernieuwde lunchkaart. Diverse broodjes, soepen, salades of gewoon iets voor de lekkere trek… Benieuwd naar het resultaat? Klik hier

Couverts Hotspot 2016!

Restaurant de Smoezer is één van de best beoordeelde én meest populaire restaurants van Nederland en is daarom uitgeroepen tot Couverts Hotspot voor 2016!

Wij mogen mogen ons één jaar lang Couverts Hotspot van Nederland noemen. En daar zijn wij trots op!

Wij willen dan ook al onze gasten hartelijk danken voor de mooie reviews welke wij hebben mogen ontvangen.

Smoezer in de Stentor!

Door: Peter Leunissen   P.leunissen@destentor.nl

Voortreffelijk met een zuurtje 

Het restaurant heeft een vreemde naam: De Smoezer. Afgeleid van smoezelen, zachtjes praten volgens de bedrijfsleider. Afijn, dat woord bestaat evenwel niet. Maar je kunt er prima eten. Dat telt.

Laten we beginnen met het zuur, dan hebben we dat gehad. Onze ober vraagt of we een aperitief van het huis willen. Dat klinkt als gratis, maar zoiets staat vervolgens altijd op de rekening. Mijn tafeldame neemt het, ik kies voor een Campari en op de vraag of we water willen zeggen we ‘ja’. Korte tijd later staat er voor bijna 19 euro aan drankjes op tafel. Het kleine glas Campari met onhandig grote schijf sinaasappel op de rand – maar geen stamper – kost 7,50 euro (een literfles in de winkel 18 euro), de fles Sourcy 5,75 euro (eurootje bij de super), het aperitief (bubbels met wat rood fruit) 5,50 euro. Natuurlijk moet de horeca haar marge pakken, maar hier word ik niet blij van.

Goed. We spoelen een stukje terug naar het begin en het zoet: De deur wordt met een vriendelijk welkom voor ons opengehouden, de jas aangenomen en we worden naar onze tafel geleid. Het is er prettig warm, het restaurant is voor veertig procent gevuld en er klinkt uit een gezelschap opgewekt gelach. We krijgen een drankje vooraf, een schaaltje zoete olijven en een schaal met vers brood, drie sausje en kruidenboter.

Het bestuderen van de menukaart vergt enige tijd. Want de samensteller ervan schuwt de pen bepaald niet. De beschrijvingen zijn uitvoerig (wat natuurlijk niet verkeerd is) en al met al telt de kaart wel zo’n vijftig gerechten.

Mijn gast wil graag de geitensalade vooraf, ik een trio van garnaal (de grauwe en kleine kreeftachtige wordt op de kaart bejubeld als ‘Koning van de Noordzee’).

Wat dan volgt is een blije verrassing. Wat ziet dit er voortreffelijk uit. Op een mooie salade liggen drie bolletjes geitenkaas met noot en gedroogde cranberry. Voor het zoet zorgen een chutney en drie kletskopjes met sinaasappel en sesam. Ze is er heel blij mee. Dan het garnalentrio. Rechts een schuimig soepje van garnaal, in een riant borrelglas. Romige, vloeibare garnaal, heet, perfect van smaak. Links een garnalenkroketje op een laagje uienchutney. Leg er drie neer en je eet ze ook op. En daartussen dan nog een kleine garnalencocktail met onder meer viseitjes. Koninklijke garnaaltjes inderdaad. Hier kom je voor terug.

Het personeel is intussen voorkomend. Met enige regelmaat wordt naar ons welbevinden geïnformeerd. Maar grappig genoeg: na het aangeboden aperitief wordt niet meer gevraagd of we iets willen drinken. We kunnen de serveerster nog net om een glas wijn vragen, nadat het hoofdgerecht op tafel is gezet. Detail. Want wat krijgen we vervolgens? Kotelet Duroc, heet het gerecht van mijn gezelschap. Het is een sappig stuk geroosterd vlees van een varken dat volgens de kaart zijn leven scharrelend sleet in Spanje. Als garnituur gestoofde ui, verschillende aardappelen, een flinke dot mosterd-dragon boter.

Ik krijg een bord met biefstuk van hert en wild zwijn, rustend op een laagje prei en omlijst met een bruine jus en puree van rode biet. Borden die de speekselklieren tot maximale activiteit dwingen. Het oogt goed, het smaakt uitstekend. We krijgen er friet bij, een schaaltje rauwkost en pruimen.

Feitelijk zou hierna een kop koffie, eventueel veraangenaamd met een mooi digestief, volstaan. Maar mijn gast heeft al bij het begin van de maaltijd laten weten van desserts te houden. We raadplegen het menu met de nagerechten. De auteur van deze kaart trekt nu alle registers open. En mijn tafeldame bezwijkt voor ‘Crème brûlée met karamel, op handen gedragen door porseleinen lepeltjes. Twee puntjes spekkoek kijken op de achtergrond toe. Een toef slagroom met daarop een bolletje maple walnut ijs zoekt het midden. Een randje gekarameliseerde fijngehakte nootjes kiest subtiel de eindstreep. Als dat niet smullen wordt…’

Er is van deze beschrijving geen woord gelogen. Behalve dat niet twee puntjes spekkoek toekijken, maar vier. De beschrijving van mijn dessert is even bloemrijk. Ik bespaar hem u. Maar weet dat alleen het serviesgoed terug naar de keuken gaat.

Al 23 jaar draait De Smoezer, een slordige vijfhonderd klanten per week. Het restaurant ligt feitelijk op een onopvallende plek. Maar wel zeer gunstig aan de Arnhemseweg, met parkeergelegenheid, en een aantal grote bedrijven en instellingen als Centraal Beheer en de belastingdienst om de hoek. En die vormen naast de reguliere restaurantbezoekers de clientèle.

We lopen naar de auto en zijn dik tevreden. Jammer alleen van dat zuur.